
De omgeving waarin we leven heeft invloed op onze beweging, ontmoetingen, rust, en hoe we ons verbonden voelen met anderen. De gebouwde omgeving raakt daarmee aan onze gezondheid en ons welzijn.
Hoe vertalen we kennis over gezond leven naar de manier waarop we wijken, woningen en openbare ruimte ontwerpen? En welke rol hebben wij als ontwerpers en bouwers daarin?
Hoe kan de gebouwde omgeving bijdragen aan een gezonde levensloop?
De Blue Zones zijn gebieden waar mensen opvallend vaak een hoge leeftijd bereiken en relatief lang gezond en vitaal blijven. De bekendste zijn Sardinië, Okinawa, Ikaria, Nicoya en Loma Linda. In deze gebieden komen verschillende kenmerken samen: natuurlijk bewegen, gezonde voeding, voldoende rust, zingeving en sterke sociale verbindingen met familie en gemeenschap.
Een aantal van deze factoren wordt mede bepaald door de gebouwde omgeving. De manier waarop we onze wijken, dorpen en woningen inrichten beïnvloedt hoe we bewegen, elkaar ontmoeten, rust ervaren en onze sociale netwerken onderhouden. Een omgeving kan bewegen onderdeel maken van het dagelijks leven, ontmoeting ondersteunen, maar ook rust en privacy bieden. De inrichting van woningen en buurten kan bovendien bijdragen aan de mogelijkheid om gedurende verschillende levensfasen in de nabijheid van familie, vrienden en voorzieningen te blijven wonen.
De ontwerpopgave
We weten steeds meer over de relatie tussen onze leefomgeving en gezondheid. Toch worden deze inzichten in gebiedsontwikkeling nog niet vanzelfsprekend vertaald naar ruimtelijke keuzes. Gezondheid is vaak één van de ambities naast duurzaamheid, mobiliteit, economie en ruimtelijke kwaliteit.
Maar als de gebouwde omgeving invloed heeft op hoe mensen bewegen, elkaar ontmoeten, stress ervaren en ouder worden, zou gezondheid dan niet veel meer een integraal onderdeel van de ontwerpopgave moeten zijn?
Wat is onze rol als architect daarin, hoe ver reikt onze invloed? Welke wetenschappelijke kennis kunnen we daadwerkelijk vertalen naar ontwerp? En waar ligt de verantwoordelijkheid van andere partijen: de ontwikkelaar, de gemeente, de zorg, het onderwijs en uiteindelijk de bewoner zelf?
Als architecten zijn wij gewend om kennis, eisen en ambities te vertalen naar ruimtelijke oplossingen. We kunnen kennis over gezondheid op dezelfde manier benaderen door te onderzoeken welke ruimtelijke condities bijdragen aan gezond leven.
Dat gaat over verschillende aspecten die elkaar aanvullen. Beweging vraagt om een omgeving waarin lopen en fietsen vanzelfsprekend zijn. Ontmoeting en samenleven vragen om straten, pleinen, groen en collectieve ruimten die contact tussen mensen mogelijk maken. Familie en sociale verbondenheid vragen om woonmilieus waarin verschillende generaties dicht bij elkaar kunnen wonen en mensen gedurende hun levensloop onderdeel kunnen blijven van dezelfde gemeenschap. En comfort en rust vragen om aandacht voor onder andere akoestiek, daglicht, uitzicht, oriëntatie en privacy.
Ook binnen de gezondheidszorg wordt wetenschappelijke kennis over de relatie tussen de fysieke omgeving en welzijn steeds vaker vertaald naar ontwerp. Evidence-Based Design laat bijvoorbeeld zien hoe factoren als daglicht, uitzicht, akoestiek, privacy en ruimtelijke organisatie kunnen worden meegenomen in ontwerpbeslissingen. Dit sluit aan bij wat ik eerder beschreef in mijn artikel Wat kan een architect eigenlijk?: de kracht van het architectenvak ligt niet alleen in het maken van vorm, maar in het vertalen van verschillende soorten kennis naar een samenhangende ruimtelijke oplossing.
Ontwerpen voor een gezonde leefstijl
We ontwerpen nu nog vaak voor specifieke doelgroepen, maar mensen veranderen. Een gezinssamenstelling verandert, kinderen worden zelfstandig, mensen gaan minder werken en uiteindelijk kan zorg nodig zijn. Bovendien veranderen daarbij ook de individuele behoeften in de zin van comfort en voorzieningen. In een gezonde leefomgeving moeten mensen bij iedere nieuwe levensfase in hun vertrouwde omgeving, bij hun sociale netwerk en voorzieningen kunnen blijven. Het vraagt om wijken en dorpen met een gevarieerd woningaanbod, verschillende voorzieningen op korte afstand, goede wandelroutes, groen en openbare ruimte voor ontmoeting. Een omgeving waar verschillende generaties samen leven en waarin mensen een leven lang een betekenisvolle rol kunnen blijven houden in dezelfde gemeenschap.
Daarbij moeten we ook realistisch zijn. Gezond gedrag, sociale verbondenheid of zingeving is geen bouwkundige ontwerpopgave. De gebouwde omgeving is één van de vele factoren die gezondheid bepalen. Wel kunnen we de voorwaarden creëren waarbinnen mensen hun eigen keuzes kunnen maken.
Daarom is dit vooral een vraagstuk voor gebiedsontwikkeling. Niet alleen: hoeveel woningen bouwen we en voor wie? Maar ook: welke leefomgeving maken we mogelijk, en hoe ondersteunt die omgeving mensen bij een gezonde leefstijl?
Daarmee verschuift de vraag van wat bouwen we? naar: Welk leven maken we hier mogelijk?
Gezond leven wordt daarmee niet een extra ambitie binnen de gebiedsontwikkeling, maar een logisch perspectief van waaruit we onze wijken, dorpen en steden ontwerpen.
Binnenkort praten wij verder over de Gezonde Leefomgeving in relatie tot gebiedsontwikkeling. Houd je mail in de gaten. Meer weten? Stuur me een berichtje!